Leeftijd als graadmeter bij
Naarmate mensen ouder worden, neemt het hersenvolume geleidelijk af. Dat is een normaal onderdeel van ouder worden. Daarnaast geldt voor mensen met MS dat zij op latere leeftijd vaak minder ontstekingsactiviteit hebben. Dat betekent dat zij minder vaak schubsSchubEen periode (aanval) waarin nieuwe ontstekingen ontstaan in het centrale zenuwstelsel. Mensen ervaren nieuwe MS-klachten of een verergering van bestaande klachten. Men spreekt van een schub (of relapse) wanneer deze klachten langer dan 24 uur aanhouden. ervaren en er op MRIMRIMagnetic Resonance Imaging: een beeldvormingstechniek om de hersenen en het ruggenmerg in beeld te brengen. De scan laat zien op welke plaatsen er schade of ontstekingen zijn. MRI-scans worden gebruikt om de diagnose MS te stellen en het ziekteverloop te monitoren.-scans minder nieuwe ontstekingen te zien zijn. Uit Sezgi’s onderzoek onder ruim 4.200 mensen met relapsing-remitting MS (RRMSRRMSRelapsing-remitting MS. Een vorm van MS waarbij periodes van aanvallen (en klachten) worden afgewisseld met herstel.) blijkt dat dit patroon complexer is dan verwacht.
In haar onderzoek naar de mate en snelheid van hersenkrimp zag ze duidelijke verschillen tussen leeftijdsgroepen. Jongere mensen met MS begonnen meestal met relatief grotere hersenvolumes. In de loop van de tijd, trad bij hen echter vaak snellere hersenkrimp op, vooral in de thalamus. Oudere deelnemers hadden bij het eerste meetmoment, zoals verwacht, gemiddeld een kleiner hersenvolume, minder grijze stof en een kleinere thalamus (een belangrijk hersengebied voor informatieverwerking en signaaloverdracht) dan jongere deelnemers. De veranderingen in hun hersenen verliepen daarna juist minder snel.
Dit inzicht laat zien dat leeftijd niet alleen samenhangt met de hoeveelheid start, maar ook hoeveel volume er in de loop van de tijd verloren gaat. Daarmee wordt duidelijk dat MS zich anders kan ontwikkelen in verschillende levensfasen. Deze inzichten helpen onderzoekers en artsen om verschillen in het verloop van MS beter te begrijpen en mogelijk in de toekomst gerichter te volgen en te behandelen.
Nieuwe manieren om MS te volgen
Omdat het verloop van MS sterk kan verschillen tussen mensen, zoeken onderzoekers naar niet-invasieve manieren om veranderingen in de ziekte beter te volgen. Een veelbelovende methode daarvoor is een speciale oogscan (OCTOCTOptical Coherence Tomography: een beeldvormingstechniek om structuren in het oog, zoals het netvlies en de oogzenuw, in beeld te brengen.). Daarmee kunnen onderzoekers de dikte van verschillende lagen van het netvliesNetvliesDe achterkant van het oog dat kleuren, vormen en bewegingen detecteert. Wanneer er licht op het netvlies valt, worden elektrische signalen via de oogzenuw doorgegeven aan de hersenen. meten. Sezgi maakte voor haar onderzoek gebruik van OCTOCTOptical Coherence Tomography: een beeldvormingstechniek om structuren in het oog, zoals het netvlies en de oogzenuw, in beeld te brengen.-scans. Hieruit bleek dat dunnere netvlieslagen samenhangen met meer afwijkingen op MRIMRIMagnetic Resonance Imaging: een beeldvormingstechniek om de hersenen en het ruggenmerg in beeld te brengen. De scan laat zien op welke plaatsen er schade of ontstekingen zijn. MRI-scans worden gebruikt om de diagnose MS te stellen en het ziekteverloop te monitoren.-scans, meer lichamelijke beperkingen en tragere informatieverwerking.
Om beter te begrijpen wat er in het lichaam gebeurt, keek Sezgi ook naar zogeheten biomarkersBiomarkersEen biologische voorspeller die iets zegt over de ziekte (aanwezigheid, vorm, activiteit) of het ziekteverloop. Het gaat om stoffen die (meestal) makkelijk meetbaar zijn, bijvoorbeeld in het bloed of hersenvloeistof.: meetbare signalen die iets kunnen zeggen over ziekteactiviteit en zenuwschade.
Een belangrijke biomarkerBiomarkersEen biologische voorspeller die iets zegt over de ziekte (aanwezigheid, vorm, activiteit) of het ziekteverloop. Het gaat om stoffen die (meestal) makkelijk meetbaar zijn, bijvoorbeeld in het bloed of hersenvloeistof. is neurofilament light chainNfLNeurofilament light: een biomarker die schade aan zenuwcellen weerspiegelt. (sNfL), een stof in het bloed die vrijkomt wanneer zenuwcellen beschadigd raken. Uit het onderzoek bleek dat hogere waarden van deze stof kunnen helpen voorspellen of later hersenkrimp optreedt.
De volgende stap: streven naar meer persoonlijke MS-zorg
Het doel van MS‑onderzoekers is duidelijk: inzichten uit onderzoek gebruiken om het verloop van MS beter te begrijpen en te voorspellen. Door klinische gegevens, MRIMRIMagnetic Resonance Imaging: een beeldvormingstechniek om de hersenen en het ruggenmerg in beeld te brengen. De scan laat zien op welke plaatsen er schade of ontstekingen zijn. MRI-scans worden gebruikt om de diagnose MS te stellen en het ziekteverloop te monitoren.-metingen en biomarkersBiomarkersEen biologische voorspeller die iets zegt over de ziekte (aanwezigheid, vorm, activiteit) of het ziekteverloop. Het gaat om stoffen die (meestal) makkelijk meetbaar zijn, bijvoorbeeld in het bloed of hersenvloeistof. zoals bloedtesten en oogscans te combineren, kunnen onderzoekers zoals Sezgi Kaçar steeds nauwkeuriger inschatten hoe de ziekte zich bij iemand ontwikkelt.
Voor mensen met MS en hun neurologen biedt dit nieuwe kansen: de oogscan is snel, veilig, niet-invasief en helpt veranderingen in de ziekte beter te volgen. Samen met andere gegevens kan dit bijdragen aan de ontwikkeling van meer persoonlijke MS-zorg, afgestemd op wat iemand daadwerkelijk nodig heeft. Zo kan meer grip ontstaan op een ziektebeeld dat vaak onvoorspelbaar lijkt, zowel bij jongere als oudere mensen.
Voor Sezgi ligt de motivatie dicht bij de mensen achter de cijfers. “Wat mij persoonlijk motiveert, zijn de mensen met MS die meedoen aan onderzoek,” vertelt ze. “Zij doen dat terwijl ze zelf midden in een ziekteproces vol onzekerheden zitten. Dat vertrouwen raakt me enorm en is elke dag opnieuw mijn drijfveer om bij te dragen aan onderzoek dat helpt om MS beter te begrijpen en te voorspellen, zodat in de toekomst gerichtere MS-zorg mogelijk wordt.”
Stichting MS Research draagt financieel bij aan het onderzoek van Sezgi’ en haar collega’s via verschillende subsidies (link programmasubsidies +link 25-1267).